dinsdag 22 februari 2011

Genade (4) - Goeie Genade - Jeugddienst (Joh. 3,16)



‘Genade’ het is een woord dat je iedere kerkdienst tenminste twee keer hoort. Als je komt … genade en vrede… en als je gaat De genade van de Heer Jezus Christus.

En toch vond ik het vroeger in de kerk een onbegrijpelijk woord. Een soort kerkelijk dialect, waar je de betekenis niet van begrijpt. Vaak gebruikt, kennelijk heel mooi, maar waar je in feite niets van snapt.
“Genade, barmhartigheid en vrede zij u…” Zo begon de dominee, maar ik eerlijk gezegd begreep ik niet wat hij er mee bedoelde, zo op het hoekje van de bank waar ik zat. “Vrede’?, dat was het toch al. En barmhartigheid? Moeilijk woord! En genade… dan dacht ik aan heel iets anders.

Wat betekent genade eigenlijk, is het iets positiefs? Iets wat je typisch in de levens van christenen ziet? Maar wat is dat dan? Geluk of zo? Laten we eens gaan kijken naar een doorsnee christelijke familie Meursie, Grace, Kees, Trees, Frees en Mees.


Familie Meursie heeft Voorspoed from mark luigjes on Vimeo.

?
Genade? Wat nou genade?
Nou ja, als je het zo presenteert als in het filmpje kun je er nog wel om lachen.
Maar laat het nou eens op je inwerken…, de genade die gelovigen in hun leven meemaken is soms wel onbegrijpelijk, toch? Het kan niet simpel zoiets als voorspoed zijn. Kijk nou eens wat we allemaal meemaken met elkaar. Niet te zuinig. Wat nou genade?

In mijn beleving vroeger was genade niet zo positief Voor mij is het die keer dat ik als kleine jonge bijna geplet werd door een meisje uit de hoogste groep en om ‘meisjesgenade’ moest vragen. Niet leuk! Ik weet niet eens meer of ik het ook gedaan heb. Misschien wel gesist tussen mijn tanden door: ‘meisjesgenade’. Wat een vernedering. Nee, niet leuk, dat is het gevoel dat ik bij genade heb. En jullie? Goed gevoel? Geen gevoel?
Genade, genade, dat roep je toch als je geen kant meer op kunt. Als je helemaal overgeleverd bent aan een ander en alleen nog maar kunt smeken om je leven. Angstig, vernederend en niet leuk.

Waar denken jullie eigenlijk aan als je aan je ‘genade’ denkt?

En dan gaan we hier in de gemeente (volgende week begint het), het Feest van Genade gaan vieren. Veertig dagen lang, elke dag bezig met de genade van God! ‘Feest’ van Genade! Kan genade dan leuk, fijn, zijn? Iets om te vieren? Velen presenteren ons genade als iets zéér positiefs. Wat is het positieve van genade? Wat is goeie genade?

Mee op reis..?
Veel mensen hebben deze week vakantie. Goed idee om op reis te gaan. Vanavond wil ik je uit nodigen met me mee op ontdekkingsreis te gaan. Naar Israël zoals je ziet, het land van de Bijbel. Want de geschiedenis van Israël zit vol met genadeverhalen. Zullen we eens naar een stel van die verhalen luisteren en eens zien wat die goede genade nou eigenlijk is is?

Eerste etappe: genadige slang (Num 21,1-9)
We reizen 3500 jaar terug in de tijd. Het volk Israël reist dan al veertig jaar door de woestijn tussen Egypte en het huidige Israël. Waarom doen ze veertig jaar over een afstand van twee of drie dagreizen? Zo groot is de afstand tussen Egypte en Israël toch niet. ’t Is ook niet gewoon. Het is de prijs die ze moeten betalen voor hun onverwoestbare wantrouwen. Keer op keer vallen ze hun HEER, hun Redder, af. Nadat ze door Hem gered zijn, bekritiseren ze Hem over zo ongeveer alles. En niet zelden weigeren ze daarna nog een stap te zetten. Een paar voorbeelden God vernedert de machtige Farao van Egypte. voor hun ogen. Dat was wat in die tijd, Farao was de koning van de wereld, Mubarak is er niks bij. Ze kunnen vluchten. Ze zijn even blij. Maar daarna klagen ze Hem aan over hun veiligheid als Farao toch met zijn leger achter hen aankomt. ‘We komen allemaal om’ De HEER redt hen opnieuw, spectaculair door een pad door de zee droog te leggen. ’t Hele volk trekt er door naar de woestijn aan de andere kant. Ze zijn weer even blij, maar klagen Hem daarna opnieuw aan: ‘het is veel te heet voor onze kinderen, we hebben te weinig te eten te drinken.’ ‘We gaan hier allemaal kapot, waren we nog maar in Egypte’. God zorgt voor een oase. Ze zijn weer even blij, maar eenmaal weer onderweg klagen ze Hem opnieuw aan: ‘we gaan dood van de dorst, waren we maar weer in Egypte’. ‘Daar hadden we het nog eens goed. God zorgt voor water, voor manna (een soort hemels brood) en zelfs voor vlees (in de vorm van vogels). Ze zijn weer even blij maar daarna komen er weer klachten en dat blijft zo doorgaan, steeds maar weer. 
   Tot ze bij de berg Sinaï zijn. Daar krijgen ze de 10 geboden te horen. Indrukwekkend! Ze stemmen er van harte mee in. Zijn het er helemaal mee eens. Amen, dat geloven we! Geen andere goden, geen godenbeelden… Amen!. Als Mozes naar boven klimt om een persoonlijk door God geschreven afschrift van die wet te halen en het even duurt voordat hij weer terug is, verliezen ze weer hun geduld. Weer wantrouwen: die Mozes komt nooit meer terug en God is er ook niet. We maken wel een eigen beeld van Hem (Geen godenbeelden). Dan wil de Heer niet meer verder. Het is nu wel genoeg geweest… Zoveel wantrouwen kan Hij niet langer van hen verdragen. Gelukkig weet Mozes de HEER nog nèt over te halen om dit wantrouwende volk niet te verstoten. Zo reizen ze toch weer verder. Niet luxe in de woestijn, maar de HEER heeft de dagelijkse zorg voor hen op zich genomen: elke dag te eten (manna) en te drinken (water) Maar toch blijven er problemen: na een tijdje willen ze het manna niet weer en klagen ze. En zo gaat het maar door. Totdat ze bij hun reisdoel komen. Kijk daar ligt nou jullie beloofde land, zegt God. Een prachtland, vruchtbaar en van alle gemakken voorzien. Alles is al aangelegd: , de steden, de wegen, boomgaarden, akkers, wijngaarden, olijfgaarden… en het is allemaal voor jullie. En vruchtbaar! Onvoorstelbaar vruchtbaar Ze hadden nog nooit zoiets gezien.. En toch zeggen wantrouwend: U verwacht toch niet dat we daar naar binnen reizen, hebt u wel gezien hoe sterk die bevolking is. Geoefend en tot de tanden bewapend. Daar beginnen wij toch niks tegen, wat wilt U nou. Dan zegt de HEER. Nou is het echt genoeg geweest, jullie willen niet en nu wil Ik ook niet meer. Jullie kinderen die mogen naar binnen als jullie er niet meer zijn.

En zo reizen ze veertig jaar in de woestijn, totdat de hele eerste generatie gestorven is.
En toch hebben veel van die kinderen in die veertig jaar tijd maar weinig geleerd. Eenmaal volwassen beginnen ze God ook aan te klagen: waarom hebt u ons uit Egypte weggehaald. Zeker om ons allemaal dood te laten gaan hier in de woestijn, net als onze ouders. We hebben niks, en we kunnen dat ellendige manna niet meer zien. Dan is de grens voor God bereikt. Hij straft hen met hun eigen wantrouwen. Ze worden door slangen gebeten, en ze gáán dood in de woestijn. Precies zoals ze toch al dachten. Velen van hun sterven er…

Maar als zij die gebeten zijn en nog net leven in paniek Mozes smeken om voor hen bidden. Laat God zich opnieuw overhalen. Mozes moet een koperen slang maken en God zegt: ze hoeven alleen maar naar de slang te kijken (eigenlijk, allen maar om hulp te zoeken) en je overleeft het. Sommigen sterven maar… Méér overleven het…
Deze slang wordt gek genoeg het symbool van Gods genade, een genadige slang. De HEER begint aldoor maar weer opnieuw met zijn volk Israël, en zij verdienen dat echt niet omdat ze God blijven wantrouwen. Da’s nou genade. Gered worden terwijl je dat helemaal niet verdiend
Zie je het da’s Genade: is altijd onverdiend. Je hebt het niet verdiend en toch redt God je. Zegt veel over Wie God is 

Tweede etappe: Ongenadige Jona
Kennen jullie het verhaal van Jona? Precies die profeet die er van door ging!
Waar moest hij heen? Naar Ninevé. Inderdaad. Ligt in het huidige Irak. Weet je waarom hij niet wilde? Hij durfde niet? Nee hoor! Hij wilde niet!
2 Hij bad tot de HEER: 'Ach HEER, heb ik het niet gezegd toen ik nog thuis was? Daarom wilde ik naar Tarsis vluchten. Ik wist het wel: u bent een God die genadig is en liefdevol, geduldig en trouw, en tot vergeving bereid. 3 Laat mij maar sterven, HEER: ik ben liever dood dan dat ik zo verder moet leven.' (Jon 4:2-3 NBV) 
Jona ging niet naar Ninevé, omdat niet hij wilde. Hij voelde het al aankomen. Ga ik helemaal naar Ninevé om ze te waarschuwen, zul je zien dat ze zich bekeren en dan vergeeft de HEER ze natuurlijk. Bah !Want Hij is genadig, liefdevol, geduldig en trouw… Zie je het staan! God is Jona veel te genadig.

Maar dat is toch fijn denk je misschien? Ja Weet je wat Ninevé was. De hoofdstad van een rijk waarvan het leger net zo wreed, genadeloos, onbarmhartig was, als de nazi’s op het hoogtepunt van WOII. Ze verminkten, martelden en vermoorden hun slachtoffers op een afschuwelijke manier. Israël had al heel veel van hen te lijden gehad. Zelfs Joodse babies hadden ze op een afschuwelijke manier vermoord. Verdienen zulke mensen genade? Nee, zei Jona, zij niet!
Hij was de profeet die zeg maar naar het Berlijn van Hitler moest en dat wilde hij niet.

Dat snappen wij toch wel.
Daarom vluchtte Jona weg…, maar God wil dat Jona ook hen waarschuwt zodat ze zich kunnen bekeren. Jona moet en als Jona hun waarschuwt bekeren ze zich ook nog! En Jona vind het vreselijk. Afschuwelijk! Want hoe kan de HEER hun nou zoveel onrecht vergeven. Als je weet wat ze gedaan hebben, is dat zo oneerlijk! Vreselijk, onverdragelijk gewoon!
Leer je weer wat over Gods genade. Het is ontzettend oneerlijk. God vergeeft mensen die het volgen ons echt niet verdienen. Echt niet!

3e Etappe: royale baas
We kunnen niet overal langsgaan onderweg, anders wordt de reis te lang voor vanavond. Maar uit de tijd van het Oude Verbond (OT) zou je nog heel wat andere genade- en ongenadeverhalen kunnen vertellen. Simson die zijn kracht aan het einde van zijn leven toch weer terugkrijgt (onverdiend) en Mefiboset de kreupele zoon van Jonatan die in konings Davids huis opgenomen wordt … Ook uit de tijd van het Nieuwe Verbond (NT) zijn er veel te vertellen. Maria die zich een begenadigde vrouw voelt, omdat ze zwanger is van de Redder van de wereld, De Heer Jezus die een vrouw die vreemd gaat niet veroordeeld (onverdiend). Ook gelijkenissen, verhalen waarin de Heer Jezus iets duidelijk wil maken ademen die vreemde genade: bijna oneerlijk is het dat de vader die jongste zoon feestelijk binnenhaalt in zijn huis. Logisch dat zijn oudste broer kwaad wordt.
Er is nog zo’n gelijkenis waarin genade aan de orde komt: ‘die van de arbeiders in wijngaard’. Ooit van gehoord? Een wijnboer huurt ’s morgens dagloners in. Ze spreken een loon van 1 denarie (een voor die tijd normaal dagloon) af. De wijnboer maakt zich nog al druk met het huren van werknemers. Hij gaat die dag wel vier keer naar de markt en steeds als hij daar nog werkkrachten ziet staan, huurt hij ze in. Zelfs nog –zeg maar- om vijf uur ’s middags. Wat zich dan aanbiedt is niet de beste kwaliteit. Die proberen nog snel een paar grijpsstuivers mee te pakken. Als ze nog maar een uur gewerkt hebben, begint het al donker te worden. De wijnboer laat zijn arbeiders uitbetalen, te beginnen bij degenen die het laatst gekomen zijn. Hij laat 1 denarie betalen. De werknemer die ’s morgens om zes uur begonnen zijn wrijven vergenoegd in de handen. De boer is een royale bui, benieuwd wat wij krijgen. Ook 1 denarie!. Nou zijn ze verontwaardigd: waarom krijgen wij niet meer, wij hebben de hele dag gewerkt. De boer zegt verbaasd:
"Beste man, ik behandel je toch niet onrechtvaardig? Je hebt toch ingestemd met het loon van één denarie? 14 Neem dan aan wat je toekomt en ga. Ik wil aan die laatsten nu eenmaal hetzelfde betalen als aan jou. 15 Of mag ik met mijn geld niet doen wat ik wil? Zet het kwaad bloed dat ik goed ben?" (Mat 20:13-15 NBV). Hij betaalt ze wat ze nog helemaal niet hadden kunnen verdienen! Dat is weer de genade God, want over Hem gaat het natuurlijk.
Goedheid die niet verdienen is! Je krijgt het zomaar, omdat God goed is.
Het maakt dus niet uit hoe lang je voor deze baas werkt. Hij geeft! Punt!

Hij lijkt een beetje op je oma of opa die een klusje voor je bedenken, alleen maar om je wat te kunnen geven. Genade is dus goedheid van God die je niet hebt verdiend, niet kunt verdienen, maar ook niet hoeft verdienen

4e Etappe: onbegrijpelijk vergevingsgezind
Nog één genadeverhaal dat de essentie van genade helemaal duidelijk maakt. Onze Heer Jezus hangt aan het kruis. Een martelwerktuig dat de Romeinen bedacht hebben om hun ergste tegenstanders een afgrijslijke, pijnlijke, langzame, dood te laten sterven. Hij is op de top van zijn lichamelijke lijden. Maar daar komt nog veel meer bovenop. Bij de voet van zijn kruis staan zijn bitterste tegenstanders zich te verkneukelen. Hé Messias komt van dat kruis als je kunt.

Nou Zoon van God, laat eens zien dat je henzelf kunt redden. De geestelijke pijn van de spot voor en tijdens de kruisiging is even verscheurend en vernederend als de lichamelijke. Je zou het begrijpen dat de Heer Jezus hun geen woord meer had waardig gekeurd. Maar van de enkele woorden die Hij nog kan zeggen gebruikt Hij de meeste voor een gebed: 'Vader, vergeef hun, want ze weten niet wat ze doen.' (Luk 23:34 NBV). Hij bid hier voor zijn bitterste vijanden om vergeving! Als je wil weten wat genade is, dan is dit het.



De Heer Jezus – God- gelooft in hen, zelfs in die mensen die Hem het liefst kapot willen maken. God blijft geloven in mensen die Hem blijven wantrouwen wat Hij ook doet, Hij gelooft in mensen die anderen – en dus ook Hem- de vreselijke dingen aandoen, Hij blijft geloven in mensen die het allemaal koud laat, Hij gelooft in spotters, Hij gelooft in egoÏsten, in Hitlers en terroristen. Hij gelooft, blijft geloven, in jou en mij. Hij gaat tot het alleruiterste om het goed, zelfs als jij en ik dat eigenlijk helemaal niet willen. Als wij allang afgehaakt zijn, blijft Hij in ons geloven door alles heen. Tegen elke prijs wil Hij ons redden. Hij zal alles voor ons doen wat nodig is. Hij wil één ding niet: ons het verplichten dat van Hem aan te nemen. Dat moet je zelf willen en ook zelf .
Maar wil je snappen wat Gods genade is? Denk dan aan Jezus aan het kruis. Stel je voor dat hij je aankijkt. Dwars door je heen kijkt. Precies weet wie je bent, wat je denkt, wat je voelt, wat je allemaal gedaan hebt. Ja ook die afschuwelijke dingen. En toch blijft Hij zeggen: “Vergeef het hem, want hij weet niet wat hij doet, vergeef het haar want zij weet niet wat ze doet. Vergeef het hun want zijn weten na 2000 jaar nog steeds niet wat ze doen.
God is zo genadig, dat Hij ons blijft geloven. Goeie genade, zeg! Ja Goeie Genade Wil jij ook in Hem gaan geloven?

Amen

Geen opmerkingen:

Een reactie posten